Ik heb hardgelopen op twee continenten, in zeven landen en in talloze steden en gebieden. En overal doe ik hetzelfde: als ik een andere hardloper tegenkom, steek ik mijn linkerhand in een soort saluut de lucht in. Niet omdat het moet, maar om die ander te erkennen: jij bent ook bezig, jij levert ook werk.

Er zijn net zoveel manieren van groeten als er hardlopers zijn. Toch blijft het aantal groeters in sommige gebieden (looking at Youtrecht), pijnlijk laag. En dat is zonde. Want een groet is niet moeilijk, niet eng. Het is een simpel gebaar van verbondenheid. Je herkent in de ander dezelfde strijd die jij ook voert – de stap om je schoenen aan te trekken en naar buiten te gaan.

Ik ben van hardlopen door een COVID-19 infectie en overgebleven astma geschakeld naar wielrennen naast hardlopen en daar heerst eigenlijk precies hetzelfde: je steekt even je linkerhand los van het stuur.

Met een wuif, een glimlach, een knipoog, een duim omhoog of een hand van het stuur maak je van je solorondje ineens een sociale activiteit. Geen verzameling lege likes of kudos achteraf, maar een écht moment van contact, daar op straat.

En dat is precies wat Hi Score voor is: sportiviteit en vriendelijkheid gamificeren. Elke groet telt, elke erkenning maakt de wereld een stukje vriendelijker. Doe mee – en steek je hand op.